Jan Snor

Nabij De Steenhouwer bevindt zich het Sint-Jansvliet. Elke Antwerpenaar kent dat plein met zijn voetgangerstunnel en zijn basketbalringen. Aan één van de ringen hangt een zwart lint. Voor die ring ter hoogte van een driepunter bevindt er zich een gedenksteen: "De basket toont zijn geborgenheid. De bal vertaalt zijn levendigheid. Het plein weerspiegelt zijn trots."

Met die steen wordt basketbalspeler Mathieu Croes, die in november van vorig jaar overleed, herdacht . Als Mathieu (43) tijd had dan was hij op het plein te vinden. Om er basket te spelen, maar ook om er zorg voor te dragen door er dagelijks met een bezem over te gaan.

Toen Mathieu er plots niet meer was, lag het plein er troosteloos bij. De krijtlijnen werden dag na dag meer aan het oog onttrokken door de bladeren van de bomen. Moeder Dinneke nam de taak van haar zoon over maar ondertussen 65 geworden, viel die taak haar zwaar. Dinneke trok haar stoute schoenen aan en bezocht De Steenhouwer in de hoop dat één van onze vrijwilligers zich over het plein zou willen ontfermen. In Jan Van Wijck -bijgenaamd Jan Snor- vond zij de geknipte man.

Jan komt reeds lang in ons centrum. Eerst als bezoeker. Later, als hij het rondhangen op straat moe is, als vrijwilliger. Jan wast af. Niet zomaar. Wel groothartig en gul. Met de glimlach. Zoals Jan afwast, doet niemand dat. Jan is tovenaar. Want bij Jan lijkt het wel alsof de borden rijk gevuld met wild of gevogelte uit het sop tevoorschijn komen. Een schijnbaar eenvoudige taak wordt kunstig gezang.

Ook als Jan het plein keert, lijkt hij Merlijn. Hij zingt en zijn bezem lijkt zich op het wiegen van de muziek voort te bewegen. Als ik Jan bezig zie op zijn plein dan denk ik onwillekeurig aan de laatste regel van de gedenkplaat: "Het plein weerspiegelt zijn trots" . En het is goed zo. In Jan heeft men een waardige opvolger van Mathieu gevonden. Zij het dan een minder sportieve.